Pagina's

woensdag 17 december 2014

Geldboom

Met plezier doe ik mijn werk. Ik kan van mezelf zeggen dat ik oplossingsgericht ben. Meestal lukt het me om de mensen die met een probleem aan mijn balie staan, goed op weg te helpen.

Maar af en toe voelt het tegenstrijdig.

Zo komen er veel (buitenlandse) mensen voor het aanvragen van een uitkering.
Niks mis mee. In deze tijden van economische crisis krijgen best veel mensen gedwongen ontslag en dat is triest.
Met het aanvragen van die uitkering worden mensen wel meteen verplicht in een traject te stappen; actief op zoek gaan naar werk.
Als ik zie dat mensen daar hun best voor doen, helemaal top!

Soms kunnen mensen vanwege een lichamelijke of geestelijke aandoening niet meer meedraaien in de arbeidsmarkt en ook dat is zuur. Dat deze mensen terug kunnen vallen op een financiële tegemoetkoming is prettig, al is het geen vetpot.

Maar er zitten ook exemplaren tussen waarvan je weet dat ze er een potje van maken, te lui om te werken.
Of ze besteden hun uitkering aan drank en drugs. Dat zie of ruik je meteen.
Dan staan ze voor mijn balie en moet ik er gewoon uittrekken dat ze een afspraak met iemand hebben.
Als ik dan vervolgens vraag met wie ze die afspraak hebben, halen ze gewoon de schouders op ‘weetkniet’. Negen van de tien keer komen ze ook nog eens te laat.

Terwijl ik me dan in allerlei bochten wring om de juiste klantmanager te pakken te krijgen, nemen zij een kopje koffie. En een koekje d’r bij. Tuurlijk, het staat er toch, joh!
Terwijl anderen zich een breuk werken om de eindjes aan elkaar te knopen krijgen deze types voor mijn gevoel hun uitkering op een presenteerblaadje aangeboden.
Vaak willen de mensen die een uitkering aanvragen óók nog een voorschot op die uitkering
alstublieft.
Plus die éénmalige uitkering die de overheid beschikbaar stelt voor mensen met een laag inkomen
alstublieft.
Een hoog percentage van de uitkeringstrekkers spreekt geen Nederlands, maar weten perfect welke paden ze moeten bewandelen om geld los te krijgen. D’r stond er laatst ene met zijn smartphone
die hebben ze dan wel weer voor mijn neus te zwaaien met een artikel over die éénmalige uitkering. Look, look!

Onlangs had ik een meneer -afkomstig uit één van de Oostbloklanden- aan mijn balie.
Ik herkende hem van een paar jaar geleden. Toen was hij heel erg boos omdat hij niet op tijd zijn uitkering ontvangen had.
In allerijl probeerde ik toen een klantmanager te vinden, terwijl hij ondertussen overal agressief tegenaan schopte.

Nu stond hij aan de balie gebrekkig te vertellen dat hij een klacht wilde indienen tegen zijn huisarts. Of de gemeente dat even voor hem wilde regelen én betalen.
Ik antwoordde dat hij dat met de huisarts zelf moest regelen en dat hij daarvoor niet bij de gemeente kon aankloppen.
Hallo, wees überhaupt blij dat u een huisarts heeft!
Indringend keek de man mij aan en vroeg om maatschappelijke ondersteuning …hij wilde perse een klacht indienen tegen zijn huisarts.
Meneer, daarvoor kunt u bij ons niet terecht. U kunt een advocaat in de arm nemen.
Nee, daar had hij geen geld voor.
Daarna kwam meneer zelf met de optie om met deze kwestie naar VluchtelingenWerk te stappen. Ik heb hem succes gewenst.

We zijn toch zeker Sinterklaas niet …


zaterdag 13 december 2014

Verloren dag

En zo kwam het dat ik afgelopen woensdag in mijn eentje naar een training in ’s Hertogenbosch moest.

Op mijn werk gaan we binnenkort werken met een nieuw systeem en mijn manager vond het een aardig idee om mij op te geven als contactpersoon. Ik pleitte ervoor om met nog een collega erheen te gaan. Maar nee, dat was niet nodig zei degene die de training verzorgde.
En de woorden van mijn manager waren: “het is een cursus: train de trainer. Er wordt verwacht dat jij de wijsheid overbrengt”.
Die man geeft overal altijd zo’n leuke draai aan … maar daarmee was wat hem betreft de kous af.

Enfin, ik kon er niet onderuit. Het systeem plus training kost een paar cent en de eer was aan mij.

Ik kon mooi gebruik maken van de NS Businesscard die mijn werkgever beschikbaar stelt voor zulke doeleinden. Op het laatste nippertje kwam ik erachter dat er ook nog een laptop mee moest. Nou vooruit, deze op de valreep ook nog even geregeld via mijn werk.

Op de dag zelf regende het pijpenstelen.
In alle vroegte, bepakt en bezakt met laptop en gewone tas liep ik naar het station in ons mooie dorp, zo’n 4 minuten lopen.
Daar aangekomen zag ik het informatiebord al schitteren: de trein richting ’s Hertogenbosch vertrekt om 06.35 uur máár … heeft 20 minuten vertraging.
Shoot.
Ik had al ingecheckt, dan maar 20 minuten wachten.
Even later: ”dingdong! De trein van 06.35 uur richting ’s Hertogenbosch rijdt niet in verband met een technische storing. De eerstvolgende trein in dezelfde richting vertrekt om 07.05 uur.”
Pfffffffffff.
Shoot de NS.

Ik kon weer terug naar huis. Checkte niet uit, ik moest tenslotte een half uur wachten op de trein en gelukkig kon dat thuis.
Om 7.00 uur stond ik weer op het perron en deze keer kwam de trein op het juiste tijdstip binnenrijden. Ondertussen was ik wel een half uur verder wat betekende dat ik never nooit op tijd bij de training zou zijn. Verder verliep de treinreis voorspoedig, ik had een plek om te zitten en da’s al heel wat in het openbaar vervoer van tegenwoordig.

Op station ’s Hertogenbosch checkte in keurig uit en ging ik op zoek naar het busstation.
Uiteraard stapte ik nét aan de verkeerde kant van het station uit; het busstation was aan de andere kant, aldus een behulpzame voorbijganger.
Eenmaal in de bus (ja, ingecheckt hoor) belde ik naar de instantie waar ik de training zou volgen met de mededeling dat ik ná 09.30 uur zou verschijnen.
Ergens in the middle of nowhere zette de buschauffeur me af (ja, uitgecheckt hoor) en volgens de routebeschrijving was het heel eenvoudig om lopend het juiste adres te vinden.
Na 20 minuten en vele omwegen, drijfnat en koud tot op het bot bereikte ik eindelijk mijn bestemming. Alwaar de cursusleidster met de drie aanwezige personen alvast begonnen was.

De training zelf was vrij ingewikkeld. Voor de cursusleidster gesneden koek maar voor degenen die er mee moeten werken leverde het vraagtekens op.
Echt aansluiting bij degenen die ook deze training (moesten) volgen had ik niet.
Eén stel was samengekomen (zij wel), maar waren zo bezig met hun eigen sores en overgang van systemen dat ze geen oog hadden voor hun omgeving.
De andere cursist snapte
nog meer dan ik er geen bal van en vertrok vroegtijdig.
Na een paar vragen en oefeningen pikte ik nog even een eenvoudige lunch mee en maakte ik dat ik weg kwam. Op naar het busstation. Zo’n 20 minuten lopen volgens de cursusleidster. Niet dus.
Het andere stel reizend per auto peinsde er niet over om mij op weg te helpen. Nee, zij moesten richting snelweg.
Na –voor mijn gevoel- uren rondgezworven te hebben op het bijna verlaten bedrijventerrein liep ik tenslotte maar de deur van een bedrijf binnen om te vragen of ze daar een taxi voor mij wilden bellen. Zelf had ik geen internetverbinding en telefoonnummers van taxibedrijven in ’s Hertogenbosch had ik al helemaal niet. Nou, bij Gods gratie wilde ze wel even voor mij bellen dan …
Volgens de taxichauffeur was er op dat bedrijventerrein helemaal geen openbaar vervoer mogelijk, hij vond dat ik wat dat betreft slecht voorgelicht was. Goh …

Vlak voordat we met de taxi bij het station arriveerden, botste één of andere Brabantse muts bijna frontaal tegen de auto van de taxichauffeur. Die daarna een taal uitsloeg die goed in de film New Kids Turbo had gepast
Ge kunt de groeten uit Brabant krijgen verrekte k*t!
“Nou mevrouwtje, dat is dan € 19,45 (voor een taxirit van 6 minuten!), ik zal een mooi bonnetje voor u uitschrijven. Fijne dag nog!”
Ja, voor u hetzelfde gewenst en bedankt!

Om half vijf was ik thuis. Veel frustraties en geen stap wijzer geworden…

zondag 7 december 2014

donderdag 27 november 2014

In de roos

Vast wel eens gehoord van de Roos van Leary.
Dat is een interactiecirkel; een schematische weergave van verscheidene gedragsmogelijkheden en het effect daarvan op anderen.
Vandaag kwam ik tijdens een cursus klantgericht communiceren onder andere deze cirkel tegen.
De cursus volg ik omdat ik straks met mijn huidige collega’s bij een nieuwe groep collega’s (lees kenaus) wordt geplaatst.
De cursusleider had de Roos van Leary met papierplakband op de vloer nagemaakt; vier vakken met bijbehorende kleuren.
Naar voren kwam dat ik het gele type ben: volgend en meewerkend.
Maar ik neigde ook een beetje naar de groene kant: helpend en leidend (hoewel dat leidend bij mij nooit zo uit de verf komt …).
Dan is er nog het rode type en dat zijn zo’n beetje alle grote leiders: aanvallend en concurrerend.
Tenslotte zijn er de blauwe types: opstandig en teruggetrokken.

Volgens de cursusleider is het niet zo’n probleem dat er verschillende types en kleuren zijn.
Het gaat erom dat je onderling wat heen en weer schuift van de ene kleur naar de andere, zodat het hele team goed kan functioneren.
Voor dat heen en weer schuiven creëerde ze voor ons wat handvatten.

De groep waarin ik straks terecht kom zit vol met rode types: haantjesgedrag, betweters, zij maken de dienst uit en tikken je meteen op de vingers wanneer iets niet goed gaat.
Als geel type heb ik de neiging om op zulke momenten een stap terug te doen en in mijn schulp te kruipen.
De handvat voor mij is dan: stap als geel type uit de cirkel. Recht je rug en schouders. Ga naar het rode type in de cirkel, zet een behoorlijke stem op en zeg zoiets als: ‘heel erg fijn collega dat je mij hierop wijst, ik zal er de volgende keer rekening mee houden!’ en je geeft hem of haar nog even een schouderklop.
Het rode type zal met de mond vol tanden staan want dat had hij of zij natuurlijk niet van een geel type verwacht.

Binnenkort ga ik het uitproberen.

Ik schijt nu al
vier kleuren stront …

zaterdag 22 november 2014

Alweer een week voorbij

Zondag
Hardgelopen in de regen, rondje van 5,2 km.
Het regende de hele, godganse dag. Mooie gelegenheid om te lezen, muziek te luisteren en te chillen.
Heb lijstje met muziek gemaakt, ga ik binnenkort downloaden op mijn MP3. Of ik vraag of jongste dat wil doen, gaat veel sneller.
Mie, groenten en kip in zoetzure saus gewokt.

Maandag
Met spierpijn naar kantoor.
Samengewerkt met collega 1, weinig woorden met d’r gewisseld.
Denk dat ze in de rustmodus stond, gezien de kranten voor haar neus en de biskwietjes die in de thee gedoopt werden.
’s Middags gewerkt met collega 2, zus van collega 1.
Vergadering gehad over de verbouwing van mijn nieuwe werkplek, 28 november gaat de boel van start. Denk dat we dan niemand meer kunnen verstaan aan de telefoon.
’s Avonds broccoli, worteltjes, rundervinken en aardappels gekookt. Stevige wandeling gemaakt met manlief en met mijn nieuwe steunzolen.

Dinsdag
Met collega 3 naar cursus in Utrecht. Dit keer konden we zitten in de trein.
Info gehad over fraude met paspoorten, id-kaarten en rijbewijzen.
Lunch was het interessantst.
Viel ’s middags in katzwijm, collega 3 moest me wakker maken.
’s Avonds wat later thuis, pasta uit de diepvries gegeten.

Woensdag
Opnieuw hardgelopen, ditmaal rondje ingekort tot 4 km.
Daarna thuis nog de nodige hand en spandiensten verricht.
Bedden verschoond, wasjes gedraaid, wc schoongemaakt, kamer ge(stof)zogen en boodschappen gedaan.
Krieltjes, ijsbergsla en rundervink gemaakt.
’s Avonds naar (stief)vader.
Had mijn fotoalbum met foto’s van vroegâh meegenomen. Opnieuw emoties.
(Stief)vader wil fotoalbum later in de week op zijn gemak doorkijken.
Hij bezit een ijzeren wilskracht en sterk hart. Weegt amper 45 kg, maar is van plan om kerst 2014 nog mee te maken, da’s zijn volgende doel.

Donderdag
Opnieuw met collega 1 gewerkt, ditmaal was ze spraakzamer.
“Kijk dat eigenwijs varken nou lopen op d’r hoge hakken, tis toch geen gezicht!”
En daarna: “ik ga even een peuk roken”.
’s Middags met collega 4 gewerkt. Gezellig, want het is een vrolijke, optimistische tante.
Tijd vloog voorbij.
Redelijk op tijd thuis, stamppot boerenkool met spekjes en rookworst gemaakt.

Vrijdag
Naar het werk. Was koud, moest krabben.
Zat aan de balie met collega 3.
Kregen in de loop van de ochtend te horen dat collega 1 haar arm gebroken had. Tot aan de oksels in het gips, trap van een paard gehad.
Rooster moest worden omgegooid.
Kreeg een whatsapp van collega 2 (zus van collega 1) met de vraag waarom zij geen wijziging doorkreeg van het rooster?!
Ik appte terug dat rooster voor volgende week al rond was en dat we collega 4 hadden benaderd voor de lege plekken.
Whatsappje werd niet gelezen, collega 2 stond binnen het kwartier voor mijn neus (collega 3 was al naar huis).
Collega 2 was natuurlijk overstuur vanwege haar zus (collega 1). En boos dat ZIJ niets over het rooster had gehoord. Waarna ze flipte, ik was de pineut. Storm in een glas water.
Heb dit al eerder met d’r meegemaakt. Wat kun je je soms vergissen in mensen.
’s Middags appels halen bij de boer.
Douche en slaapkamers had manlief al gedaan. Mijn logje van 21 juni 2014 is blijkbaar opgemerkt ;-)
Oudste lag voor pampus op de bank, opnieuw verkouden en zich miserabel voelende.
’s Avonds aan de patatten, sla en snack (zoals iedere vrijdag) en de wekelijkse boodschappen gedaan. Daarna nog bezoek van schoonouders.
Schoonvader zat op de praatstoel en vertelde verhalen over de tweede wereldoorlog. We hingen aan zijn lippen.

Zaterdag
Opgestaan na woelige nacht. Zat toch na te emmeren over collega 2.
Ik ga het geraas aan mijn adres een derde keer niet pikken, ze stapt maar mooi naar de manager. Basta.
Verder langzaam op gang.
Wilde kamer stofzuigen maar deze werd in beslag genomen door jongste.
Had spullen neergezet om op marktplaats te zetten, was druk doende foto’s te nemen.
’s Middags logje afgemaakt, 17.00 uur geweest en al bijna pikkedonker. Ik haat november.


zondag 16 november 2014

Schouder

Als ik knipper met mijn ogen
Is er weer een dag voorbij.
De week is om nog voor die is begonnen
En al heb ik soms geen tijd, ik maak het vrij
Ik maak het voor je vrij

Zelfs al kan ik er niet zijn
Blijft er nog een deel van mij
Waar je op kan leunen, als je zelf niet meer kan staan
Als de houvast je verlaat
En het even niet meer gaat
Mag je bij mij schuilen
Laat mij je schouder zijn

Al sta je stil, de klok blijft tikken
Steeds weer haalt de tijd ons in
En in de tussentijd verlies ik de momentenA
Waar het allemaal om draaide, in het begin 

Zelfs al kan ik er niet zijn
Blijft er nog een deel van mij
Waar je op kan leunen, als je zelf niet meer kan staan
Als de houvast je verlaat
En het even niet meer gaat
Mag je bij mij schuilen
Laat mij je schouder zijn

Zelfs op afstand hoor ik jou 
Dan lijkt je wereld nu zo grauw
Je brengt de kleur weer terug en,
Neem je liefde met me mee
Na de branding komt het zand
Pak m’n uitgestoken hand
Omarm de rots die op je wacht
Mijn schouder geeft je kracht

Zelfs al kan ik er niet zijn
Blijft er nog een deel van mij
Waar je op kan leunen, als je zelf niet meer kan staan
Als de houvast je verlaat
En het even niet meer gaat
Mag je bij mij schuilen
Jij mag bij mij schuilen
Laat mij je schouder zijn
Laat mij je schouder zijn

vrijdag 7 november 2014

Verval

Een huwelijk is als een huis: als het niet wordt onderhouden en bewoond, komt er al gauw verval, hoe mooi het ook werd opgebouwd.



Piet Nijs