Pagina's

zondag 21 december 2014

woensdag 17 december 2014

Geldboom

Met plezier doe ik mijn werk. Ik kan van mezelf zeggen dat ik oplossingsgericht ben. Meestal lukt het me om de mensen die met een probleem aan mijn balie staan, goed op weg te helpen.

Maar af en toe voelt het tegenstrijdig.

Zo komen er veel (buitenlandse) mensen voor het aanvragen van een uitkering.
Niks mis mee. In deze tijden van economische crisis krijgen best veel mensen gedwongen ontslag en dat is triest.
Met het aanvragen van die uitkering worden mensen wel meteen verplicht in een traject te stappen; actief op zoek gaan naar werk.
Als ik zie dat mensen daar hun best voor doen, helemaal top!

Soms kunnen mensen vanwege een lichamelijke of geestelijke aandoening niet meer meedraaien in de arbeidsmarkt en ook dat is zuur. Dat deze mensen terug kunnen vallen op een financiële tegemoetkoming is prettig, al is het geen vetpot.

Maar er zitten ook exemplaren tussen waarvan je weet dat ze er een potje van maken, te lui om te werken.
Of ze besteden hun uitkering aan drank en drugs. Dat zie of ruik je meteen.
Dan staan ze voor mijn balie en moet ik er gewoon uittrekken dat ze een afspraak met iemand hebben.
Als ik dan vervolgens vraag met wie ze die afspraak hebben, halen ze gewoon de schouders op ‘weetkniet’. Negen van de tien keer komen ze ook nog eens te laat.

Terwijl ik me dan in allerlei bochten wring om de juiste klantmanager te pakken te krijgen, nemen zij een kopje koffie. En een koekje d’r bij. Tuurlijk, het staat er toch, joh!
Terwijl anderen zich een breuk werken om de eindjes aan elkaar te knopen krijgen deze types voor mijn gevoel hun uitkering op een presenteerblaadje aangeboden.
Vaak willen de mensen die een uitkering aanvragen óók nog een voorschot op die uitkering
alstublieft.
Plus die éénmalige uitkering die de overheid beschikbaar stelt voor mensen met een laag inkomen
alstublieft.
Een hoog percentage van de uitkeringstrekkers spreekt geen Nederlands, maar weten perfect welke paden ze moeten bewandelen om geld los te krijgen. D’r stond er laatst ene met zijn smartphone
die hebben ze dan wel weer voor mijn neus te zwaaien met een artikel over die éénmalige uitkering. Look, look!

Onlangs had ik een meneer -afkomstig uit één van de Oostbloklanden- aan mijn balie.
Ik herkende hem van een paar jaar geleden. Toen was hij heel erg boos omdat hij niet op tijd zijn uitkering ontvangen had.
In allerijl probeerde ik toen een klantmanager te vinden, terwijl hij ondertussen overal agressief tegenaan schopte.

Nu stond hij aan de balie gebrekkig te vertellen dat hij een klacht wilde indienen tegen zijn huisarts. Of de gemeente dat even voor hem wilde regelen én betalen.
Ik antwoordde dat hij dat met de huisarts zelf moest regelen en dat hij daarvoor niet bij de gemeente kon aankloppen.
Hallo, wees überhaupt blij dat u een huisarts heeft!
Indringend keek de man mij aan en vroeg om maatschappelijke ondersteuning …hij wilde perse een klacht indienen tegen zijn huisarts.
Meneer, daarvoor kunt u bij ons niet terecht. U kunt een advocaat in de arm nemen.
Nee, daar had hij geen geld voor.
Daarna kwam meneer zelf met de optie om met deze kwestie naar VluchtelingenWerk te stappen. Ik heb hem succes gewenst.

We zijn toch zeker Sinterklaas niet …


zaterdag 13 december 2014

Verloren dag

En zo kwam het dat ik afgelopen woensdag in mijn eentje naar een training in ’s Hertogenbosch moest.

Op mijn werk gaan we binnenkort werken met een nieuw systeem en mijn manager vond het een aardig idee om mij op te geven als contactpersoon. Ik pleitte ervoor om met nog een collega erheen te gaan. Maar nee, dat was niet nodig zei degene die de training verzorgde.
En de woorden van mijn manager waren: “het is een cursus: train de trainer. Er wordt verwacht dat jij de wijsheid overbrengt”.
Die man geeft overal altijd zo’n leuke draai aan … maar daarmee was wat hem betreft de kous af.

Enfin, ik kon er niet onderuit. Het systeem plus training kost een paar cent en de eer was aan mij.

Ik kon mooi gebruik maken van de NS Businesscard die mijn werkgever beschikbaar stelt voor zulke doeleinden. Op het laatste nippertje kwam ik erachter dat er ook nog een laptop mee moest. Nou vooruit, deze op de valreep ook nog even geregeld via mijn werk.

Op de dag zelf regende het pijpenstelen.
In alle vroegte, bepakt en bezakt met laptop en gewone tas liep ik naar het station in ons mooie dorp, zo’n 4 minuten lopen.
Daar aangekomen zag ik het informatiebord al schitteren: de trein richting ’s Hertogenbosch vertrekt om 06.35 uur máár … heeft 20 minuten vertraging.
Shoot.
Ik had al ingecheckt, dan maar 20 minuten wachten.
Even later: ”dingdong! De trein van 06.35 uur richting ’s Hertogenbosch rijdt niet in verband met een technische storing. De eerstvolgende trein in dezelfde richting vertrekt om 07.05 uur.”
Pfffffffffff.
Shoot de NS.

Ik kon weer terug naar huis. Checkte niet uit, ik moest tenslotte een half uur wachten op de trein en gelukkig kon dat thuis.
Om 7.00 uur stond ik weer op het perron en deze keer kwam de trein op het juiste tijdstip binnenrijden. Ondertussen was ik wel een half uur verder wat betekende dat ik never nooit op tijd bij de training zou zijn. Verder verliep de treinreis voorspoedig, ik had een plek om te zitten en da’s al heel wat in het openbaar vervoer van tegenwoordig.

Op station ’s Hertogenbosch checkte in keurig uit en ging ik op zoek naar het busstation.
Uiteraard stapte ik nét aan de verkeerde kant van het station uit; het busstation was aan de andere kant, aldus een behulpzame voorbijganger.
Eenmaal in de bus (ja, ingecheckt hoor) belde ik naar de instantie waar ik de training zou volgen met de mededeling dat ik ná 09.30 uur zou verschijnen.
Ergens in the middle of nowhere zette de buschauffeur me af (ja, uitgecheckt hoor) en volgens de routebeschrijving was het heel eenvoudig om lopend het juiste adres te vinden.
Na 20 minuten en vele omwegen, drijfnat en koud tot op het bot bereikte ik eindelijk mijn bestemming. Alwaar de cursusleidster met de drie aanwezige personen alvast begonnen was.

De training zelf was vrij ingewikkeld. Voor de cursusleidster gesneden koek maar voor degenen die er mee moeten werken leverde het vraagtekens op.
Echt aansluiting bij degenen die ook deze training (moesten) volgen had ik niet.
Eén stel was samengekomen (zij wel), maar waren zo bezig met hun eigen sores en overgang van systemen dat ze geen oog hadden voor hun omgeving.
De andere cursist snapte
nog meer dan ik er geen bal van en vertrok vroegtijdig.
Na een paar vragen en oefeningen pikte ik nog even een eenvoudige lunch mee en maakte ik dat ik weg kwam. Op naar het busstation. Zo’n 20 minuten lopen volgens de cursusleidster. Niet dus.
Het andere stel reizend per auto peinsde er niet over om mij op weg te helpen. Nee, zij moesten richting snelweg.
Na –voor mijn gevoel- uren rondgezworven te hebben op het bijna verlaten bedrijventerrein liep ik tenslotte maar de deur van een bedrijf binnen om te vragen of ze daar een taxi voor mij wilden bellen. Zelf had ik geen internetverbinding en telefoonnummers van taxibedrijven in ’s Hertogenbosch had ik al helemaal niet. Nou, bij Gods gratie wilde ze wel even voor mij bellen dan …
Volgens de taxichauffeur was er op dat bedrijventerrein helemaal geen openbaar vervoer mogelijk, hij vond dat ik wat dat betreft slecht voorgelicht was. Goh …

Vlak voordat we met de taxi bij het station arriveerden, botste één of andere Brabantse muts bijna frontaal tegen de auto van de taxichauffeur. Die daarna een taal uitsloeg die goed in de film New Kids Turbo had gepast
Ge kunt de groeten uit Brabant krijgen verrekte k*t!
“Nou mevrouwtje, dat is dan € 19,45 (voor een taxirit van 6 minuten!), ik zal een mooi bonnetje voor u uitschrijven. Fijne dag nog!”
Ja, voor u hetzelfde gewenst en bedankt!

Om half vijf was ik thuis. Veel frustraties en geen stap wijzer geworden…

zondag 7 december 2014